Het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) heeft vandaag nieuwe WOZ-cijfers gepubliceerd. De gemiddelde WOZ-waarde van Nederlandse woningen bedraagt in 2026 439.000 euro. Dat is 10,3 procent hoger dan een jaar eerder, toen de gemiddelde WOZ-waarde nog 398.000 euro bedroeg. De waarde stijgt daarmee voor het elfde achtereenvolgende jaar en harder dan de twee jaar daarvoor.
De WOZ-waarde volgt de prijsontwikkeling van bestaande koopwoningen met een jaar vertraging. De waarde voor 2026 is vastgesteld op basis van de marktprijzen per 1 januari 2025 — een periode waarin de Nederlandse woningmarkt nog stevig in de lift zat. Gemeenten gebruiken de WOZ-waarde als grondslag voor de onroerendzaakbelasting (OZB), inkomstenbelasting en waterschapsbelasting.
Op provinciaal niveau valt op dat de provincie Utrecht voor het eerst Noord-Holland heeft ingehaald. De gemiddelde WOZ-waarde in Utrecht bedraagt 534.000 euro, tegenover 526.000 euro in Noord-Holland. Limburg kende de sterkste provinciale groei met 11,9 procent, tot een gemiddelde van 348.000 euro per woning.
Op gemeenteniveau was de stijging het sterkst in Pekela (Groningen), waar de WOZ-waarde met 19,2 procent toenam tot 254.000 euro. Ondanks die forse groei behoort Pekela nog altijd tot de gemeenten met de laagste woningwaarden. De hoogste gemiddelde WOZ-waarde staat geregistreerd in Laren (Noord-Holland) met bijna 993.000 euro. Ook Bloemendaal en Blaricum bevinden zich in de absolute top. De laagste WOZ-waarde werd gemeten in Heerlen (Limburg) met 238.000 euro.
Voor vastgoedbeleggers, corporaties en eigenaar-bewoners heeft de stijging directe gevolgen voor de fiscale lasten in 2026. Een hogere WOZ-waarde kan echter ook voordelig uitpakken: bij woningen zonder Nationale Hypotheek Garantie kan de risicoklasse van de hypotheek dalen, wat resulteert in een lagere renteopslag. Het CBS benadrukt dat in alle Nederlandse gemeenten de WOZ-waarde dit jaar is gestegen — vorig jaar daalde deze nog in vier gemeenten.
Foto: Unsplash. Bron: CBS, 17 juni 2026, cbs.nl