Rij koopwoningen aan het water, waar de prijsstijging van koopwoningen in juli verder afvlakte
21 aug 2026 - Young Media

Prijsstijging koopwoningen vlakt af naar 3,9 procent.

Prijsstijging koopwoningen vlakt af naar 3,9 procent.

De prijsstijging van koopwoningen is in juli verder afgezwakt. Bestaande koopwoningen waren gemiddeld 3,9 procent duurder dan een jaar eerder, tegen 4,1 procent in juni. Het Centraal Bureau voor de Statistiek en het Kadaster maakten de cijfers op 21 augustus 2026 bekend. Het aantal woningtransacties lag in dezelfde maand 5 procent hoger dan een jaar eerder.

De combinatie van een afzwakkende prijsgroei en een groeiend aantal transacties tekent een markt die geleidelijk ruimer wordt zonder in te zakken. Voor ontwikkelaars, beleggers en financiers verschuift daarmee het uitgangspunt onder hun rekenmodellen: de prijzen stijgen nog altijd, maar in een tempo dat aanzienlijk lager ligt dan in de voorgaande jaren.

Prijsstijging koopwoningen zakt onder vier procent

De prijsindex bestaande koopwoningen kwam in juli uit op 156,7, waarbij 2020 als basisjaar geldt met de waarde 100. Ten opzichte van juni gingen de prijzen met 0,5 procent omhoog. De jaar-op-jaarstijging bedroeg 3,9 procent, tegen 4,1 procent in juni en ruim 5 procent in het eerste kwartaal van dit jaar.

Volgens het CBS piekte de jaarlijkse prijsstijging eind 2024 op 11,9 procent, waarna het tempo vrijwel onafgebroken is teruggelopen. De afvlakking is daarmee geen incident van een enkele maand, maar een beweging die inmiddels ruim anderhalf jaar aanhoudt.

Het prijsniveau zelf ligt onverminderd hoog. In juli lagen de prijzen gemiddeld 17,9 procent boven de vorige piek van juli 2022, aldus het statistiekbureau. De correctie die op die piek volgde, is dus ruimschoots ingelopen.

Transacties groeien harder dan de prijzen

Het Kadaster registreerde in juli 22.241 woningtransacties, 5 procent meer dan in juli vorig jaar. Over de eerste zeven maanden van 2026 wisselden 137.142 woningen van eigenaar, een toename van 5,4 procent ten opzichte van dezelfde periode in 2025.

De gemiddelde transactieprijs bedroeg in juli 500.988 euro. Dat bedrag is niet gecorrigeerd voor kwaliteitsverschillen tussen de verkochte woningen en beweegt daardoor grilliger dan de prijsindex, die het CBS wel voor die verschillen corrigeert.

Dat het aantal transacties sneller toeneemt dan de prijzen wijst op meer beweging in de bestaande voorraad. Kopers krijgen meer keuze en hoeven minder vaak fors over te bieden, wat de gemeten prijsontwikkeling remt.

Ruimer aanbod, minder bereik voor middeninkomens

Dat ruimere aanbod vertaalt zich niet in betere kansen voor huishoudens met een middeninkomen. Het aantal te koop staande woningen lag volgens onderzoek van De Hypotheker in een jaar tijd 14 procent hoger, terwijl een alleenverdiener met een modaal inkomen op basis van de maximale leencapaciteit nog circa 1,2 procent van dat aanbod kan financieren.

Aan de aanbodzijde verandert intussen weinig. De nieuwbouw van koopwoningen blijft steken op circa 7.500 woningen per kwartaal, waardoor de doorstroming vrijwel volledig uit de bestaande voorraad moet komen.

Beleggers rekenen met lagere waardegroei

Voor beleggers in woningvastgoed betekent een structureel lagere prijsgroei dat het rendement nadrukkelijker uit huurinkomsten en exploitatie moet komen en minder uit waardestijging. Dat is een wezenlijk andere rekensom dan in de periode waarin de index dubbele cijfers liet zien.

De ontwikkeling past in het beeld dat zich sinds de afkoeling van de woningmarkt in het eerste kwartaal van 2026 aftekent, waarbij de markt zijn scherpte verliest zonder in een prijsdaling te belanden. Ook de doorlooptijd van verkopen en het aandeel woningen dat boven de vraagprijs wordt verkocht, bewegen doorgaans mee met zo’n verruiming.

Vooruitblik

Zolang het aanbod sneller groeit dan de leencapaciteit van kopers, ligt verdere afvlakking van de prijsstijging voor de hand. Het aantal transacties laat vooralsnog zien dat de markt daarbij niet stilvalt.

Voor de vastgoedsector betekent dit dat volumegroei en huurontwikkeling de komende kwartalen zwaarder gaan wegen dan prijsstijging als bron van rendement, terwijl de betaalbaarheid voor middeninkomens het knelpunt blijft dat de markt zelf niet oplost.

Foto: Jan van der Wolf from Pexels

All rights reserved © 2026 Young Media