Woon-winkelcomplex aan de Beijerlandselaan in Rotterdam-Zuid, waar de leegstandsverordening Rotterdam op gericht is
04 sep 2026 - Young Media

Leegstandsverordening Rotterdam krijgt in november vorm.

Leegstandsverordening Rotterdam krijgt in november vorm.

Wethouder Astrid Kockelkoren (PRO) heeft op 3 september 2026 in de Rotterdamse gemeenteraad toegezegd dat het eerste plan voor een leegstandsverordening in november gereed moet zijn. Met zo’n verordening kan de gemeente eigenaren aanspreken en uiteindelijk beboeten wanneer panden langdurig ongebruikt blijven. Vastgoedmarkt berichtte op 4 september 2026 over het voornemen.

De toezegging is voor de Rotterdamse vastgoedmarkt meer dan een bestuurlijke formaliteit. Rotterdam is volgens OPEN Rotterdam de enige van de vier grote steden die nog geen instrument heeft om langdurige leegstand van woningen aan te pakken, terwijl de stad wel kampt met een structureel woningtekort.

Leegstandsverordening Rotterdam strandde eerder in de raad

Eerdere pogingen strandden. Een initiatiefvoorstel van de PvdA, gesteund door een groot deel van de oppositie, haalde het in de vorige raadsperiode niet: de toenmalige coalitie stemde tegen, waardoor handhaving op langdurige leegstand die periode uitbleef.

Toenmalig wethouder Chantal Zeegers noemde in 2025 drie obstakels: onvoldoende personele capaciteit, een benodigd jaarbudget van circa 800.000 euro en juridische onzekerheid. Zij wees erop dat sommige gemeenten gebruikmaakten van crisiswetgeving die inmiddels niet meer geldt, en dat landelijke wetgeving rond 2027 een steviger grondslag moet bieden.

Het huidige college pakt de draad weer op, maar nu met een concrete datum. Daarmee verschuift de discussie van de principiële vraag of Rotterdam moet handhaven naar de praktische vraag hoe.

Gemeente is zelf een grote leegstandseigenaar

De urgentie werd dit voorjaar vergroot door onderzoek van OPEN Rotterdam, uitgevoerd door Sascha Meijer en Charlie Maria met steun van het Stimuleringsfonds voor de Journalistiek. Daaruit bleek in april 2026 dat de gemeente zelf eigenaar is van ten minste 327 leegstaande vastgoedobjecten, naast 228 objecten die tijdelijk in gebruik zijn.

Het gaat om woningen, winkels, bedrijfsruimten en samenkomstgebouwen zoals kerken en scholen. Een appartement aan de Randweg in Hillesluis staat sinds december 2007 leeg, ruim achttien jaar. Aan de Beijerlandselaan staan acht panden langer dan zes jaar leeg en ten minste 75 objecten zijn bestemd voor sloop.

Het zwaartepunt ligt op Rotterdam-Zuid, in de wijken van het Nationaal Programma Rotterdam Zuid. In Carnisse alleen al gaat het om meer dan 150 gemeentelijke objecten, een gevolg van de actieve aankoopstrategie waarmee de gemeente de wijk wil verbeteren. Van bijna de helft van de leegstaande objecten ontbreekt een sluitende registratie van de leegstandsduur, wat de gemeente toeschrijft aan een systeemovergang.

Raad dringt aan op inzet van bestaand bezit

In het raadsdebat van 3 september wezen meerdere fracties op die spanning. SP-raadslid Emin Başoğlu constateerde dat de cijfers niet uit een gemeentelijk overzicht kwamen maar uit journalistiek onderzoek. Serkan Soytekin van DENK waarschuwde ervoor het gemeentelijk vastgoed als bedrijfsmatige portefeuille te behandelen en pleitte voor directe inzet voor maatschappelijke initiatieven in de wijk.

Kevin van Eikeren van coalitiepartij PRO noemde met belastinggeld gefinancierde leegstaande woningen in focuswijken onacceptabel. Kockelkoren zegde toe opnieuw met de stofkam door het gemeentelijk bezit te gaan, bevestigde dat in de focuswijken geen panden meer worden bijgekocht en hield vast aan het doel om alle nu leegstaande gemeentelijke panden in 2030 weer in gebruik te hebben.

Wat de verordening voor eigenaren betekent

De beoogde systematiek is bekend uit andere steden: een meldplicht zodra een object langer dan zes maanden leegstaat, vervolgens een gesprek met de eigenaar en pas als sluitstuk een last onder dwangsom. Voor particuliere verhuurders en beleggers betekent dat vooral een administratieve verplichting met een handhavingsrisico aan het einde.

De omvang van het vraagstuk is aanzienlijk. Volgens cijfers die Binnenlands Bestuur in 2025 publiceerde stonden tussen 2018 en 2024 gemiddeld ruim 17.000 Rotterdamse woningen leeg, ruim 5 procent van de voorraad. Daarvan waren er circa 9.500 in handen van particuliere verhuurders, circa 6.200 van woningcorporaties en van circa 1.500 was de eigenaar onbekend. Rotterdam is daarmee niet de enige gemeente die naar dit instrument grijpt: ook Dordrecht koos dit jaar voor ingrijpen bij langdurige leegstand.

Vooruitblik

Voor eigenaren en beleggers in Rotterdams vastgoed is november het moment waarop duidelijk wordt hoe ver de gemeente wil gaan: alleen woningen of ook winkels en kantoren, en met welke termijnen en boetebedragen. Zolang de landelijke grondslag pas rond 2027 wordt verwacht, blijft de juridische houdbaarheid van een gemeentelijke verordening een reëel aandachtspunt.

Tegelijk raakt de discussie aan een breder vraagstuk: leegstand aanpakken levert alleen woningen op als er ook een route naar hergebruik is. Dat maakt de verordening onlosmakelijk verbonden met de transformatieopgave in de bestaande stad, waar de winst per saldo groter is dan bij handhaving alleen. Ook het onderbenutte potentieel van kantoortransformatie laat zien dat het instrumentarium pas werkt als eigenaren een haalbaar alternatief hebben.

Foto: Marcel Douwe Dekker from Wikimedia Commons (CC BY-SA 4.0)

All rights reserved © 2026 Young Media