Het aandeel sociale huurwoningen in Zuid-Holland is gedaald van 29 procent in 2020 naar 28,1 procent in 2024, terwijl bijna de helft van de huishoudens ervoor in aanmerking komt. Dat blijkt uit de Jaarrapportage Woningbouw 2025, waarover de provincie op 9 oktober 2026 berichtte. In de regio Rotterdam kromp de corporatievoorraad zelfs in absolute zin.
In de regio Rotterdam nam het aantal beschikbare sociale huurwoningen tussen 2020 en 2024 volgens de provincie met 1.862 af. Ook de plannen bieden weinig herstel: van de woningbouw die voor 2026 tot en met 2030 is voorzien, is 27,3 procent bestemd voor sociale huur. Volgens Vastgoed Insider hanteert het Rijk een norm van 30 procent, terwijl de provinciale coalitie in 2023 nog op 40 procent mikte.
De gemiddelde wachttijd loopt volgens de rapportage uiteen van bijna drie tot ruim 8,5 jaar. Als oorzaken noemt de provincie een gebrek aan investeringscapaciteit en bouwlocaties bij woningcorporaties, opgelopen kosten voor nieuwbouw en renovatie en vertraging door juridische procedures.
Gedeputeerde Anne Koning (Volkshuisvesting) roept gemeenten op meer sociale huurwoningen te bouwen en vraagt het Rijk de vennootschapsbelasting voor woningcorporaties zo snel mogelijk stop te zetten. De provincie springt zelf bij met subsidies: in 2025 keerde zij 26,9 miljoen euro uit en voor 2026 is al voor 48 miljoen euro aangevraagd.
De cijfers illustreren dat de sociale opgave achterblijft bij de ambities, ook nu woningcorporaties 4,5 miljard euro in sociale huur investeren. Voor ontwikkelaars en beleggers onderstreept de oproep dat het sociale aandeel in nieuwe plannen in Zuid-Holland nadrukkelijk onderwerp van gesprek blijft. Dat sluit aan bij de eerdere constatering dat de bouwopgave niet met alleen corporaties en koopwoningen wordt gehaald.
Foto: Lajos Kristóf Kántor via Pexels. Bron: provincie Zuid-Holland / Vastgoed Insider / Westlanders.nu, 9 oktober 2026