Nieuwe CBS-en Kadastercijfers bevestigen de geleidelijke afkoeling van de Nederlandse koopwoningmarkt.
De prijzen van bestaande koopwoningen lagen in mei 2026 gemiddeld 4,4 procent hoger dan een jaar eerder. Dat blijkt uit de cijfers die het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) en het Kadaster op 22 juni publiceerden. In april bedroeg de jaarstijging nog 4,3 procent en in maart 5,0 procent, waarmee het tempo van de prijsstijging zich verder afvlakt.
Ten opzichte van april stegen de prijzen in mei met 0,6 procent. Voor het bepalen van de prijsontwikkeling hanteren CBS en Kadaster de prijsindex, die corrigeert voor kwaliteitsverschillen tussen woningen. De gemiddelde transactieprijs, die deze correctie niet bevat, kwam in mei uit op 487.383 euro.
Het Kadaster registreerde in mei 19.120 transacties van bestaande woningen, 2,5 procent minder dan in dezelfde maand vorig jaar. Over de eerste vijf maanden van 2026 samen werden 94.523 woningen verkocht, een toename van 5 procent ten opzichte van een jaar eerder.
De prijsstijging vlakt al geruime tijd af. In november 2024 lag het jaarcijfer nog op bijna 12 procent, inmiddels is dat ruim gehalveerd. Volgens het CBS hangt de aanhoudende prijsstijging vooral samen met de krapte op de woningmarkt: veel vraag en weinig aanbod. Het tempo zakt mede door een ruimer aanbod en de gestegen hypotheekrente.
De prijzen van bestaande koopwoningen lagen in mei gemiddeld 16,6 procent hoger dan bij de vorige piek in juli 2022. Daarna daalde de prijsindex tijdelijk, om vanaf juni 2023 weer een stijgende lijn in te zetten. Prijsinformatie naar regio en woningtype publiceert het CBS eenmaal per kwartaal; de eerstvolgende kwartaaluitkomsten verschijnen op 22 juli.
Foto: Unsplash. Bron: CBS / Kadaster, 22 juni 2026