Huizenprijzen vlakken in augustus verder af.
De huizenprijzen lagen in augustus 3,3 procent hoger dan een jaar eerder, tegen 3,9 procent in juli en 7,9 procent in augustus 2025. Dat blijkt uit de prijsindex bestaande koopwoningen die het CBS en het Kadaster op 22 september 2026 publiceerden. Ten opzichte van juli daalden de prijzen met 0,1 procent.
De afvlakking is geen incident. Volgens het CBS neemt de jaar-op-jaarstijging van bestaande koopwoningen sinds eind 2024 vrijwel onafgebroken af. Tegelijk liggen de prijzen nog altijd 17,8 procent boven de vorige piek van juli 2022, waardoor van een correctie op de koopmarkt vooralsnog geen sprake is.
De prijsindex kwam in augustus uit op 156,6, gemeten met 2020 als basisjaar. In juli stond de index nog op 156,7. Het verschil komt neer op een daling van 0,1 procent op maandbasis.
Dat niveau ligt ruim boven de indexstand van 139,0 die in juli 2022 werd bereikt, tot dan toe het hoogste punt in de reeks. Na het dal medio 2023 stegen de prijzen van bestaande koopwoningen vanaf juni 2023 vrijwel onafgebroken.
De vertraging voltrekt zich daarmee op een historisch hoog prijsniveau. Voor kopers betekent het vooral een rustiger tempo van prijsstijging en niet een lagere instapprijs.
Het Kadaster registreerde in augustus 18.886 transacties van bestaande koopwoningen. Dat zijn er 2,9 procent minder dan in augustus 2025.
Over de eerste acht maanden van 2026 telde het Kadaster 156.028 woningverkopen, een toename van 4,1 procent ten opzichte van dezelfde periode een jaar eerder. Op jaarbasis ligt het aantal transacties dus nog boven het niveau van 2025, terwijl de afzonderlijke maand augustus lager uitkwam.
Prijsindex en transactieaantallen bewegen daarbij niet gelijk op. Het Kadaster registreert de overdracht bij de notaris, waardoor de cijfers de marktsituatie van enkele maanden eerder weerspiegelen.
De reeks van de afgelopen twaalf maanden laat een gestage afzwakking zien. Waar de prijzen in augustus 2025 nog 7,9 procent hoger lagen dan een jaar eerder, is dat tempo in twaalf maanden tijd meer dan gehalveerd tot 3,3 procent.
Dat de groei terugvalt terwijl het aanbod ruimer wordt, kwam eerder deze maand al aan de orde in de analyse over stijgende huizenprijzen bij een ruimer woningaanbod. De afvlakking die het CBS nu meet, sluit aan bij dat beeld.
De ontwikkeling past in een bredere beweging waarbij de Nederlandse woningmarkt na jaren van sterke prijsgroei geleidelijk naar een stabieler tempo toegroeit. Ook eerder dit jaar bleek uit de afkoeling van de woningmarkt in het eerste kwartaal dat de piekjaren achter de markt liggen.
De gemiddelde transactieprijs van een bestaande koopwoning kwam in augustus uit op 503.523 euro. Daarmee ligt de gemiddelde koopsom boven de grens van een half miljoen euro.
Dat bedrag is een ongewogen gemiddelde van alle geregistreerde overdrachten en zegt daardoor iets anders dan de prijsindex, die corrigeert voor verschillen in woningtype en samenstelling van de verkopen. Een verschuiving in de mix van verkochte woningen werkt direct door in het gemiddelde, maar niet in de index.
Voor financiers en taxateurs blijft de index daarom de maatstaf voor de prijsontwikkeling, terwijl de gemiddelde koopsom vooral de betaalbaarheid van het feitelijke aanbod illustreert.
Voor beleggers in woningvastgoed betekent de afvlakking dat waardegroei een kleinere bijdrage levert aan het totaalrendement dan in de jaren tot 2024. Het accent verschuift daarmee naar de kasstroom uit verhuur en naar de exploitatiekosten.
Voor ontwikkelaars en gemeenten is vooral het transactievolume relevant. Zolang het aantal verkopen over het hele jaar gemeten boven 2025 blijft, blijft de doorstroming op peil, ook nu de prijsstijging afneemt.
Het CBS en het Kadaster publiceren de volgende cijfers over de prijsindex bestaande koopwoningen in oktober. Dan wordt zichtbaar of de lichte maanddaling van augustus een eerste omslag was of een uitschieter binnen een verder oplopende reeks.
Foto: Tasso Mitsarakis via Pexels. Bron: CBS en Kadaster, 22 september 2026