Netcapaciteit woningbouw dwingt gemeenten tot deadlines.
Tientallen Nederlandse gemeenten roepen ontwikkelaars, woningcorporaties en schoolbesturen op hun bouwplannen binnen enkele dagen aan te melden voor toekomstige netcapaciteit. Aanleiding is een nieuwe landelijke werkwijze waarmee gemeenten vanaf 1 oktober 2026 namens initiatiefnemers transportcapaciteit tot tien jaar vooruit kunnen aanvragen. Wie de gemeentelijke deadline mist, valt buiten de eerste ronde.
De werkwijze is uitgewerkt door de netbeheerders, Netbeheer Nederland, de VNG, het IPO en de betrokken ministeries, binnen het prioriteringskader van toezichthouder ACM. Voor de woningbouwopgave is dat ingrijpend: netcapaciteit verschuift van een technische randvoorwaarde aan het einde van het bouwproces naar een keuze die aan het begin wordt gemaakt.
Gemeenten stellen hun eigen sluitingsdatum. Purmerend hanteert 28 augustus 2026 om 24.00 uur en benadrukt dat dit de enige aanmeldronde is; te late aanmeldingen worden niet in behandeling genomen. Bloemendaal vraagt initiatiefnemers zich vóór 2 september te melden, net als Wormerland en Oostzaan. Noordenveld houdt 30 augustus aan, Hillegom en Lisse 31 augustus. Amstelveen liep op de rest vooruit en sloot de aanmelding al op 14 augustus.
De regeling staat open voor particulieren, ontwikkelaars, woningcorporaties en onderwijsinstellingen. Het gaat om woningbouwprojecten van meer dan een woning, om scholen met bijbehorende sportvoorzieningen en om kleinschalige, onlosmakelijk verbonden activiteiten. Projecten moeten naar verwachting binnen tien jaar zijn gerealiseerd; Bloemendaal en Amstelveen hanteren daarbij 2036 als horizon.
Een aanmelding is geen formaliteit. Het prioriteringskader van de ACM vraagt om onderbouwing waaruit blijkt dat een plan concreet is: een collegebesluit, vastgelegde afspraken tussen gemeente en ontwikkelaar over aantallen woningen, een uittreksel uit het omgevingsplan, een uittreksel uit het handelsregister of een verleende omgevingsvergunning.
Volgens Bouwend Nederland betekent dat voor ontwikkelaars dat zij nu moeten nagaan welke deadline hun gemeente hanteert en welke stukken zij kunnen overleggen. Gemeenten beoordelen uitsluitend volledige aanmeldingen, aldus Purmerend; een onvolledig dossier valt af zonder inhoudelijke weging.
Na sluiting toetst de gemeente de aanmeldingen en stelt zij op basis van eigen beleidsregels een prioriteitenlijst op. Purmerend weegt daarbij de startdatum van de bouw, de fase van voorbereiding, het maatschappelijk belang en de verwachte opleverdatum. Die gerangschikte lijst gaat vervolgens naar de netbeheerder.
Het laatste woord ligt niet bij de gemeente. In het verzorgingsgebied van Liander bepaalt de netbeheerder welke projecten daadwerkelijk transportcapaciteit krijgen en op welk moment. Aanmelding biedt geen garantie, benadrukken zowel Purmerend als Bloemendaal.
Wethouder Floor Gordon van Amstelveen, verantwoordelijk voor de energietransitie, noemt de regeling nadrukkelijk een tijdelijke maatregel en geen structurele oplossing zolang het net niet is verzwaard. Haar collega Paul Slettenhaar, verantwoordelijk voor ruimtelijke ordening, stelt dat een zorgvuldig voorbereide gezamenlijke aanvraag de positie van lokale plannen binnen het landelijke kader versterkt. Wethouder Thessa van der Windt van Bloemendaal wijst erop dat gezamenlijke voorbereiding de plannen in haar gemeente zo sterk mogelijk positioneert.
Parallel aan de aanvraagronde verschuift ook de ontwerpopgave. Flevoland, Gelderland en Utrecht leggen maximale piekbelastingen vast in hun omgevingsverordening; die eisen treden naar verwachting in 2027 in werking. Het Rijk werkt aan vergelijkbare eisen in het Bouwbesluit per 1 januari 2028.
Wat dat kost, laat Deventer zien. Bij de herontwikkeling van Wechelerhoek, goed voor 1.500 tot 1.600 woningen, berekende de gemeente dat energiebewuste maatregelen de netbelasting met circa 30 procent kunnen verlagen, van 15 naar 11 MW. De extra investering bedraagt ongeveer 4.500 euro per woning, in totaal circa 50 miljoen euro. Amersfoort stelde een actieplan op waarin batterijopslag en slim laden de piek moeten afvlakken.
Dat netcapaciteit inmiddels sturend is in de planning bleek eerder al toen gemeenten in april en mei fors meer bouwvergunningen verleenden vooruitlopend op de nieuwe aansluitregels, en toen Rotterdam transportcapaciteit eerder ging aanvragen voor woningbouwlocaties.
Voor projectontwikkelaars, corporaties en institutionele beleggers betekent dit dat de haalbaarheid van een plan niet langer alleen afhangt van grondpositie, bouwkosten en afzet, maar ook van de plek in de wachtrij van de netbeheerder. Een project dat deze ronde mist, kan jaren later aansluiten dan de planning veronderstelt.
De regeling versterkt bovendien de rol van de gemeente als poortwachter. Waar netbeheerders aanvragen voorheen grotendeels op volgorde van binnenkomst behandelden, bepaalt nu eerst het gemeentelijke oordeel welke plannen vooraan komen te staan. Dat maakt de relatie met het gemeentehuis voor ontwikkelaars een hardere financiële factor dan voorheen, in een markt waarin de woningbouwproductie al onder druk staat door bouwkosten en vergunningverlening.
Foto: Doğan Alpaslan Demir from Pexels